U bent hier:
Kolommen en filters van Gegevensverkenner
U kunt uw gegevensweergave in Gegevensverkenner dusdanig personaliseren dat alleen de relevantste gegevens voor uw geselecteerde object in Data 360 worden getoond. U kunt maximaal 10 kolommen weergeven, die standaard alfabetisch zijn geordend. U kunt de kolomgegevens in oplopende of aflopende volgorde sorteren.
Na het selecteren van uw objecttype en object worden uw gegevens weergegeven op het dashboard van Gegevensverkenner. U kunt kolommen bewerken om te wijzigen welke gegevens worden weergegeven voor dat object. Neem voor een berekend insightobject minstens één dimensie en één meeteenheid op voor uw kolommen.
U kunt een filter aan uw gegevens toevoegen om waarden te tonen of uit te sluiten. Selecteer het filterpictogram om een filter toe te voegen. U kunt deze operatoren gebruiken bij het samenstellen van de filterlogica. Gebruik geen komma's met getallen in het veld Waarde. Gebruik bijvoorbeeld 1000, niet 1000. Tekenreeksen in het veld Waarde zijn hoofdlettergevoelig.
| Operator | Beschrijving |
|---|---|
| equals | Gebruik de operator 'equals' om te evalueren of de waarde van het geselecteerde veld gelijk is aan de opgegeven invoerwaarde. Als u bijvoorbeeld alle records wilt selecteren waarin Account 100001 is, gebruikt u de operator 'equals' en geeft u 100001 op als invoerwaarde. |
| not equals | Gebruik de operator 'not equals' om te evalueren of de waarde van het geselecteerde veld niet gelijk is aan de opgegeven invoerwaarde. Als u bijvoorbeeld alle records wilt selecteren waarin Account niet 100001 is, gebruikt u de operator 'not equals' en geeft u 100001 op als invoerwaarde. |
| greater than | Gebruik de operator 'greater than' om te evalueren of de waarde van het geselecteerde veld groter is dan de opgegeven invoerwaarde. Als u bijvoorbeeld alle records wilt selecteren waarin Account groter is dan 100001, gebruikt u de operator 'greater than' en geeft u 100001 op als invoerwaarde. |
| greater than or equal to | Gebruik de operator 'greater than or equal to' om te evalueren of de waarde van het geselecteerde veld groter is dan of gelijk is aan de opgegeven invoerwaarde. Als u bijvoorbeeld alle records wilt selecteren waarin Account groter is dan of gelijk aan 100001, gebruikt u de operator 'greater than or equal to' en geeft u 100001 op als invoerwaarde. |
| less than | Gebruik de operator 'less than' om te evalueren of de waarde van het geselecteerde veld kleiner is dan de opgegeven invoerwaarde. Als u bijvoorbeeld alle records wilt selecteren waarin Account kleiner is dan 100001, gebruikt u de operator 'less than' en geeft u 100001 op als invoerwaarde. |
| less than or equal to | Gebruik de operator 'less than or equal to' om te evalueren of de waarde van het geselecteerde veld kleiner is dan of gelijk is aan de opgegeven invoerwaarde. Als u bijvoorbeeld alle records wilt selecteren waarin Account kleiner is dan of gelijk aan 100001, gebruikt u de operator 'less than or equal to' en geeft u 100001 op als invoerwaarde. |
| like | Gebruik de operator 'like' om te evalueren of de waarde van het geselecteerde veld overeenkomt met de tekens van de tekenreeks in de opgegeven invoerwaarde. De operator 'like' ondersteunt alleen tekstgegevenstypen. De operator biedt een mechanisme voor het zoeken naar overeenkomsten voor gedeeltelijke tekenreeksen en omvat ondersteuning voor het jokerteken '%'. Zo komt 'appl%' wel overeen met appleton, apple en appl, maar niet met Bappl. |
| in | Gebruik de operator 'in' om te evalueren of de waarde van het geselecteerde veld in een door komma's gescheiden lijst staat. De operator 'in' ondersteunt niet de gegevenstypen date (datum) en datetime (datumtijd). Als u bijvoorbeeld alle records uit bepaalde landen in de APAC-regio wilt selecteren, kunt u de operator 'in' gebruiken en de lijst met landen opgeven als Japan, Taiwan en Zuid-Korea. |
| not in | Gebruik de operator 'not in' om te evalueren of de waarde van het geselecteerde veld niet in een door komma's gescheiden lijst met waarden staat. De operator 'not in' ondersteunt niet de gegevenstypen date (datum) en datetime (datumtijd). Als u bijvoorbeeld alle records uit bepaalde landen in de APAC-regio wilt weglaten, kunt u de operator 'in' gebruiken en de lijst met landen opgeven als Japan,Taiwan en Zuid-Korea. |
